Kinderwelzijn   

Aangemaakt door :

NIDAA

Locatie:

Netherlands, Netherlands

Help: de techniek achter de website is verouderd

De afgelopen vijftien jaar zijn er in Nederland 19 vondelingen en 45 babylijkjes gevonden. Het vermoeden is dat dit slechts het topje van de ijsberg is. Het Nederlands Instituut voor de Documentatie van Anoniem Afstanddoen (NIDAA) doet wetenschappelijk onderzoek naar de achtergronden van deze dramatische gebeurtenissen. Om meer kinderleed te voorkomen en om opsporing makkelijker te maken voor hulp aan de moeder. De website van het NIDAA wordt geraadpleegd door politiek, hulpverlening, media en verontruste burgers. Na meer dan 12 jaar is de techniek achter de website verouderd. Upgraden kost niet veel, maar voor de stichting (ANBI-status!) wel. Wie helpt ons met € 2.000? Kijk op nidaa.nl


Meer over het NIDAA

Een moeder die belt omdat ze niet weet wat er dertig jaar geleden met haar baby is gebeurd toen die direct na haar bevalling werd weggenomen. Een vondeling die op zoek is naar het pleeggezin waar ze de eerste jaren heeft gewoond. Zomaar twee voorbeelden van vragen die het NIDAA bereiken. Oprichtster dr. Kerstin van Tiggelen: “Waar de vondelingenkamers van Stichting Beschermde Wieg altijd met de actualiteit van jonggeboren baby’s wordt geconfronteerd, zijn wij soms meer een coldcaseteam.”


Wetenschappelijk onderzoek is saai. Althans voor de buitenwereld. Toch is dat precies waarmee het NIDAA, voluit Stichting Nederlands Instituut voor de Documentatie van Anoniem Afstanddoen sinds 2009 belangrijk werk verricht op het gebied van vondelingen en babymoord. Belangrijkste ‘zichtbare’ prestatie: een zo compleet mogelijke lijst van vondelingen en gevonden babylijkjes sinds de Tweede Wereldoorlog tot nu, gewoon toegankelijk op nidaa.nl. Het ideale startpunt voor onderzoek naar de echte feiten rond deze dramatische gebeurtenissen. En dat is hard nodig, zegt Kerstin van Tiggelen: “Voorheen werden er maar twee soorten discussies gevoerd over het voorkómen van deze situaties: óf vooral een juridische discussie over wat nu wel en niet mag volgens de wet, óf een meer emotionele discussie dat we als maatschappij toch iets moeten doen. Maar om hoeveel kinderen gaat het dan? En hoeveel baby’s hadden levend gevonden moeten worden, maar gingen dood omdat het te lang duurde? En zijn het altijd alleen maar de moeders die een kind ‘wegmaken’?


Diepmenselijke drama’s

Keiharde vragen zijn het, zo beseft ze, maar we kunnen als maatschappij alleen maar goede beslissingen nemen als de keiharde werkelijkheid op tafel ligt. “Feiten, feiten, feiten, dat is waar het ons om gaat. En dan maakt het niet uit of deze feiten worden gebruikt door voorstanders of tegenstanders in een discussie.” Het NIDAA is nadrukkelijk geen hulpverleningsorganisatie die baby’s opvangt of moeders in problemen begeleidt. Maar achter al die feiten schuilen wel diepmenselijke drama’s die de stichting regelmatig bereiken. Zoals de vrouw die contact met het NIDAA opnam omdat tientallen jaren geleden haar pasgeboren baby werd weggehaald en ze geen idee had wat er met de jongen of het meisje – want zelfs dat wist ze niet – was gebeurd. Te vondeling gelegd, maar waarom staat het dan niet in de lijst? Vermoord en ergens stilletjes begraven? Bij een ander gezin ondergebracht waar het nu zonder het te weten leeft onder een andere naam?


Bijzondere noodkreet

Ook vondelingen nemen contact op met het NIDAA. Zoals Jessica Simon, die in 1991 als vondeling Sandra in Breda werd gevonden. Als volwassen vrouw mailt ze het NIDAA met een bijzondere noodkreet: waar is het pleeggezin dat haar toen, als negen maanden oud verlaten meisje op een mistroostige parkeerplaats achter een café, drie jaar lang liefdevol in het gezin heeft opgenomen? “We hebben toen ons netwerk zoveel mogelijk ingeschakeld, en uiteindelijk lukte het een Nederlandse krant om haar zoektocht tot een succesvol einde te brengen. Dan voelen wij ons bij het NIDAA toch wel even heel gelukkig.” Doorverwijzen, informatie geven, het hoort er allemaal bij. Van een Amerikaans radiostation dat in een live-uitzending van het NIDAA wil weten hoe ‘we’ in Europa omgaan met vondelingenluiken, tot een internationaal onderzoek van de Deense overheid waarbij het NIDAA de contacten tot stand brengt met onder meer de Raad voor de Kinderbescherming, Fiom en Stichting Beschermde Wieg. Maar ook in stukken van de Tweede Kamer, rapporten van onderzoeksinstellingen, beleidsnota’s van hulpverlening en journaals op de televisie wordt regelmatig gebruik gemaakt van en verwezen naar gegevens van het NIDAA.


Dubbele babymoord

Vondeling leggen en babymoord zijn nauw met elkaar verbonden. Want in beide situaties kan het gaan om moeders die hun kind niet kunnen, mogen of willen houden. En vervolgens hun kind eigenhandig ombrengen of niet verzorgen waardoor het kind ook sterft. Of er is iemand anders die het vreselijke lot van de baby’s bezegelt. Een incestpleger bijvoorbeeld, die niet wil dat er een levend bewijs bestaat van zijn misdrijven. “We weten nog zo weinig over babymoord”, vertelt Kerstin. “De dode baby’s die worden gevonden, zijn volgens deskundigen slechts het topje van de ijsberg. De beroemdste specialist op dit gebied, de Amerikaanse psycholoog Phillip Resnick, vertelde mij dat we nooit echt zullen weten hoe vaak het voorkomt. Veel vermoorde kinderen, vaak maar een paar uur oud, komen in de vuilnisbak terecht. Of in een plastic zak, zoals in 2017 in Rotterdam. En er zijn allerlei plekken denkbaar waar ze nooit gevonden zullen worden. Met ons onderzoek proberen we steeds meer te weten te komen. Misschien lukt het dan wel om een volgende babymoord of vondeling te voorkomen. Zo hebben we ontdekt dat bijna de helft van alle vermoorde kindjes een broertje of zusje heeft dat óók is vermoord. Dat is belangrijke informatie voor bijvoorbeeld de hulpverlening.”


Dossiers potdicht

Waar staat het NIDAA eigenlijk zelf in alle discussies? Kerstin: “Wij hebben geen enkele morele mening of bijvoorbeeld vondelingenkamers er wel of niet mogen zijn. Of hoe de overheid zich moet opstellen. Maar we zijn wel vanuit onze ervaring en expertise kritisch op wat er gebeurt. Neem nu de kwestie van anonimiteit. Onderzoeken wijzen uit dat kinderen ernstig met zichzelf kunnen worstelen als ze hun afkomst niet kennen. Om die reden eist de wet dat een moeder gegevens van zichzelf achterlaat. Ook daarover hebben wij op zich geen mening. Maar het is wel vreemd dat diezelfde overheid haar eigen dossiers potdicht houdt. We zijn nu samen met een vondeling de eerste maanden van zijn leven in kaart aan het brengen. Maar vrijwel alle informatie, zoals de processen-verbaal en andere rapporten, zit achter slot en grendel. Terwijl die allereerste beschrijvingen van de situatie zo belangrijk zijn om ook die allereerste momenten van je leven een beetje te kunnen invullen. Natuurlijk, ik begrijp dat er nog betrokkenen in leven kunnen zijn, maar we praten wel over dertig, veertig, vijftig jaar later. En maak desnoods die namen onleesbaar. Maar gééf die persoon ieder snippertje informatie dat er is.”


Verteerd door onzekerheid

Al het werk van het NIDAA, honderden uren per jaar, zijn onbetaald. En alle kosten betaalt het bestuur maar uit eigen zak. “We werken in het belang van iedereen die bij deze zaken betrokken is, vooral in stilte. Maar de keerzijde is wel dat haast niemand weet hoeveel mensen we helpen met onze informatie. Mensen die vaak worden verteerd door onzekerheid. In het geheim al een jarenlange zoektocht achter de rug hebben. Terwijl we zo hard donaties nodig hebben om nog meer onderzoek te doen. Media uit allerlei landen te woord te staan. Een betere website te laten bouwen.” Om die reden is het NIDAA in 2017 een stichting geworden. De Belastingdienst heeft zelfs de ANBI-status toegekend, waardoor giften aftrekbaar zijn van de belasting. Eenmalige of periodieke giften kunnen worden overgemaakt op NL38 ABNA 0800 3354 30. Of doneer via deze fundraiser.

€ 235 van € 2.000
11.8% gefinancierd

Ondersteun deze inzamelingsactie door er een nieuwe inzamelingsactie aan te koppelen. Alle donaties worden toegekend aan de bovenliggende inzamelingsactie.